Oostvaardersplassen: algemene informatie het ontstaan beheer fauna en bezoekerscentrum

Algemene informatie over de prachtige oostvaardersplassen die van grote betekenis zijn voor de natuur en het natuurbeheer van Nederland. Naast algemene ook meer specifieke informatie over het ontstaan, het beheer, de voorkomende diersoorten en het bijbehorende bezoekerscentrum.

Oostvaardersplassen

Oostvaardersplassen: algemene informatie het ontstaan beheer fauna en bezoekerscentrum

De Oostvaardersplassen gelegen in de provincie Flevoland zijn een nog vrij jong natuurgebied van plusminus 5600 hectare ( 56 vierkante kilometer ), gelegen tussen Almere en Lelystad. Het gebied is onder te verdelen in een nat- en een droog gedeelte, het droge gebied is het graasgebied van de grote grazers. Het natte gebied is ongeveer 3600 hectare groot en het droge gedeelte 2000 hectare. De oostvaardersplassen genieten wettelijke bescherming en zijn slechts gedeeltelijk toegankelijk voor publiek. Het gebied valt geheel onder Staatsnatuurmonumenten en is bijna geheel vogelrichtlijngebied. Staatsbosbeheer is de beheerder van de oostvaardersplassen. Men zet al ruim 25 jaar groepen paarden, runderen en edelherten in het gebied uit welke ook vroeger hier zouden zijn voorgekomen. De regel is om de dieren een zo natuurlijk mogelijk leven te geven wat betekent dat dode dieren niet worden opgeruimd maar blijven liggen en zo dienen als voedsel voor andere dieren en dat de dieren bij voedselschaarste niet worden bijgevoederd. Deze speciale manier van beheren leidt tot regelmatig terugkerende discussies in Nederland. Internationaal zijn de oostvaardersplassen van groot belang als moerasgebied en overwintergebied voor vogels.

Het ontstaan van de oostvaardersplassen

De oostvaardersplassen zijn spontaan ontstaan toen zuidelijk Flevoland in 1968 droog viel en werd voorbestemd als industriegebied. Doordat er de eerste jaren geen vraag was naar ruimte op een industriegebied kreeg de natuur hier de tijd en de ruimte om spontaan te ontstaan. Het lage gebied met zijn vele zandputten was redelijk nat en een goede voedingsbodem voor riet, wilg en lisdodde. Door deze flora kwam het gebied in de belangstelling van ganzen, eenden en het (toendertijd)meer zeldzaam voorkomende baardmannetje. De bestemming van het gebied werd veranderd in natuurontwikkelingsgebied en de nieuw aan te leggen spoorlijn Almere- Lelystad werd eromheen aangelegd om het gebied in takt te laten.

Natuurontwikkelingsgebied de oostvaardersplassen

Eén van de eerste stappen na het droogvallen van zuidelijk Flevoland was om vanuit vliegtuigjes riet uit te zaaien, samen met het zaad van de wilg kwam dit riet snel tot ontwikkeling. Dit had tot gevolg dat er in het gebied grofweg gezien drie gebieden ontstonden: water, rietlanden en wilgenbroek. Het droge gedeelte cultiveerde en draineerde men gedeeltelijk om het daarna in te zaaien met gras, nadat het gebied de bestemming natuurgebied had gekregen werden er poelen gegraven en sloten gedicht. Zo ontstond een ruig gebied waar na verloop van tijd grote grazers

zoals: herten, half wilde koeien en half wilde paarden gingen grazen en zo ontstond een half open tot open grasachtig landschap. Tot het natuurgebied oostvaardersplassen behoren eveneens het multifunctionele bos het Hollandse Hout bij Lelystad wat een eenheid moet gaan vormen met de oostvaardersplassen, en het voormalige Fluitbos wat aan de Almeerse kant tegen het industrieterrein aanligt en nu bekend staat als het oostvaardersbos. Het natuurgebied oostvaardersplassen is nog jong en sterk aan verandering onderhevig wat het voor velen interessant maakt.

Beheer van de oostvaardersplassen

Het beheer van de oostvaardersplassen is in handen van Staatsbosbeheer die heeft gekozen voor het inzetten van grote grazers voor natuurlijk terreinbeheer om te komen tot een natuurlijke manier van begrazing met als tweede doel om te komen tot een zelfregulerend ecosysteem. Men doet hier  ervaring op in natuurontwikkeling. Deze keuze heeft echter ook al verschillende malen tot discussie geleid in Nederland. Het experiment staat in de belangstelling van zowel deskundigen, maatschappelijke organisaties en de politiek. In November 2010 stelt staatssecretaris Henk Bleeker aan de hand van het rapport van de evaluatiecommissie dat het experiment is mislukt.

Fauna oostvaardersplassen

In het droge gedeelte van de oostvaardersplassen zien we grote kuddes heckrunderen, konikspaarden en edelhertroedels. Men stelt dat deze diersoorten ook oorspronkelijk in het gebied voorkwamen. Hun gegraas zorgt er voor dat er een open gebied ontstaat en geen ruigte. Men voorziet dat de wilg grotendeels zal verdwijnen en dat struiken als de meidoorn, de sleedoorn en de braam sterk zullen opkomen. Deze struikensoorten kunnen zich door middel van hun doornen beschermen tegen grote planteneters. Dan kan het zo zijn dat ook de eik zich weer in het gebied gaat vestigen onder bescherming van deze struiken. Er ontstaan zonder menselijk ingrijpen delen natuurlijk bos die een lust zijn voor het oog. Men hoopt dat er na verloop van tijd een half open landschap ontstaat dat we kennen uit de 17e eeuw. In de planning van de nieuwe polder was een apart terrein voor ganzen ingepland die hier in grote aantallen naar toe trokken. Staatsbosbeheer heeft inmiddels een omgeving gecreërd die naast ganzen ook reigerachtigen aantrekt. Naast de genoemde diersoorten telt het gebied eveneens ongeveer dertig belangrijke vogelsoorten waaronder zeldzame soorten zoals de roerdomp en de kleine zilverreiger. Van de meer algemene soort de grauwe gans komen er zelfs 33.000 voor. Het aangelegde poelengebied heeft op deze soorten een grote aantrekkingskracht. Men heeft hoop dat ook de visarend in de toekomst in het natuurgebied de oostvaardersplassen tot broeden gaat komen. Het aantal nesten van de zilverreiger en de lepelaar in dit gebied steigt nog steeds wat een verheugend teken is. Andere soorten die in de oostvaardersplassen zijn gesignaleerd zijn de zwarte ooievaar en de zeearend. Deze laatste soort heeft zich hier in 2006 gevestigd als broedvogel. De ringslang kunnen we in heel het gebied tegenkomen en om een bever te zien moeten we in de buurt van de aalscholverkolonie zijn. Natuurgebied oostvaardersplassen telt ongeveer 15 verschillende vissoorten zoals aal, brasem, driedoornige stekelbaars, pos, baars, lederkarper, schubkarper, serpeling , ruisvoorn, winde, zonnebaars, tiendoornige stekelbaars, spiegelkarper en de snoekbaars. De visstand in het gebied is met deze soorten wat weinig. Er zijn zeer veel volwassen karpers te vinden in de oostvaardersplassen wat de aanwas van nieuwe soorten tegenhoudt en men verwacht dat de aal uit de plassen zal verdwijnen. De komst van bijvoorbeeld de europese meerval en/of de visotter zou hierin verandering kunnen brengen en zorgen voor een grotere verscheidenheid wat goed zou kunnen zijn voor onder andere de zeearend en de visarend.

Veranderingen oostvaardersplassen

Doordat de oostvaardersplassen zijn ontstaan in de nieuwe polder heeft men te maken met inklinking van de kleigrond. Door deze inklinking is het natte gedeelte hoger komen te liggen in verhouding met het omringende gebied. Door omdijking van het natte gedeelte blijven de natte gedeeltes nat en de droge gedeeltes droog. Het bovenste deel van de droge grond wordt steeds voedselarmer waardoor de plantengroei kan veranderen en andere soorten kunnen verschijnen. Planten kunnen soms wel met hun lange wortels doordringen tot de dieper gelegen voedselrijke kleigrond.

Door vraat, ziekte en storm wordt het bestaande wilgenbos steeds opener en in het veld ziet men op vele verschillende plaatsen de meidoorn opkomen. Waar door paarden en koeien het riet wordt weggevreten ontstaat grasland. In dit grasland zien we langzamerhand klavers en andere soorten planten opkomen. De vlier daarentegen die hier altijd veelvuldig voorkwam is op zijn retour. De vlier werd hoofdzakelijk gegeten door het edelhert.

Door ecologische verbindingszones zoals tussen de Lepelaarsplassen en het Pampushout kan het dierenbestand in een gebied beïnvloedt worden. Wanneer er een ecologische verbinding met de Veluwe wordt gemaakt hoopt men dat de grote grazers via het Horsterwold de oostvaardersplassen zullen bereiken. Ook de komst van het wildzwijn, de das en de eekhoorn naar de oostvaardersplassen zijn dan waarschijnlijk. Vogels volgen vaak vanzelf maar voor sommige andere diersoorten is het nodig om in een gebied geïntroduceerd te worden. Voorbeelden van deze laatse diersoorten zijn: de adder, de grote modderkruiper en de boomkikker.

Een bufferbos heeft de ecologische zone richting de Lepelaarsplassen uitgebreid. Het bos vormt een buffer tussen de oostvaarderplassen en het Almeerse industrieterrein de Vaart. De reeds bestaande fietspaden sluiten hierbij aan. In het jaar 2003 is men begonnen met verhoging van de Oostvaardersdijk tot deze op deltahoogte gebracht is. Aan de Markermeer zijde werd de dijk 1.60 meter verhoogd bij de stad Lelystad en 0.20 meter bij de stad Almere. Door deze verhoging wordt de natuurwaarde van de begroeiïng van de dijk minder en dit feit zal ook invloed hebben op de vogeltrek. Ter compensatie hiervoor wordt buitendijks een groot luwtecomplex van 10 hectare aangelegd. Dit buitendijkse gebied gaat ook dienen als paaiplaats voor vissen.

Grote grazers in natuurgebied oostvaardersplassen

Staatsbosbeheer is tevreden over de inzet van grote grazers in natuurgebied oostvaardersplassen.

De kuddes breiden zich niet meer uit maar hebben hun maximale ecologische omvang bereikt. Voor natuurgebieden wordt het als normaal gezien dat het aantal dieren tenslotte terugloopt door onvoldoende voedsel en daardoor een mindere vruchtbaarheid wat gevolgen heeft voor het aantal nakomelingen. Dieren die leven in een gebied wat groter is dan 5000 hectare vallen onder in het ‘wild’ levende dieren omdat ze geen eigenaar hebben en niet door mensen onderhouden worden. Voor in het ‘wild’ levende dieren geldt de Flora- en faunawet.

De cijfers per 2011 van de aantallen en soorten dieren in natuurgebied oostvaardersplassen:

3300 edelherten, 100 reeën, 1150 konikspaarden en 360 heckrunderen. De jaarlijkse sterfte die zich voornamelijk voordoet in de koude, voedselarmere maanden kan forse dodentallen geven. Als voorbeeld hiervan: de sterfte onder edelherten bedroeg in het jaar 2009 plusminus 27 procent. Staatsbosbeheer heeft ervoor gekozen om de natuur in de oostvaardersplassen zijn gang te laten gaan. Men ruimt de dode dieren niet op maar deze dienen als voedsel voor anderen, voornamelijk vogels zoals de arend, de kraai en de raaf. In 2005 werd er zelfs een monniksgier gesignaleerd in de buurt van een kadaver. Volgens de Flora- en Faunawet is bijvoederen verboden. Om vermijdbaar lijden te voorkomen beslist men soms wel om dieren waarvan verwacht wordt dat ze niet meer lang te leven hebben af te schieten.

Het houden van grote grazers in natuurgebied oostvaardersplassen heeft gevolgen voor de overige dierenstand. In de oostvaardersplassen zijn tussen 1997 en 2002 dertig tot honderd procent van de broedvogels van de open ruigtes, droge rietlanden en grasweiden verdwenen mede als gevolg van groeiende populaties grote grazers. Ook op vele andere plaatsen in ons land is dit zo. Biologen discusseren over deze bijwerking van natuurlijk landschapbeheer.

Het bezoekerscentrum oostvaardersplassen

Het bezoekerscentrum oostvaardersplassen is te vinden aan de Knardijk in Lelystad waar een multifunctioneel gebouw de bezoeker voorziet van veel informatie over natuurgebied oostvaardersplassen en waar men tevens kan genieten van een heerlijke kop koffie. Het bezoekerscentrum dient eveneens als startpunt voor wandelingen en excursies.

  • Bezoekerscentrum Oostvaardersplassen,
  • Kitsweg 1 (bij Knardijk / Spoorwegviaduct)
  • 8218 AA  Lelystad, (0320) 25 45 85

Observatiemogelijkheden oostvaardersplassen

Bij het Fluitbos vinden we een mooie observatiemogelijkheid. Ook is er ten Noordoosten van de oostvaardersplassen een 260 hectare groot gebied waar aan bezoekers de verschillende milieus met hun onderscheiden flora en fauna wordt getoond. Tussen de steden Almere en Lelystad is een aanlegplaats voor de pleziervaart van waar men een mooi uitzicht heeft over de plassen.

Oostvaardersplassen wandelen

Vanaf het bezoekerscentrum aan de Knardijk in Lelystad is een 5 kilometer lange wandelroute uitgezet waarbij men kan genieten van de prachtige natuur en de dieren van het natuurgebied oostvaardersplassen. Goed aangekleed en met de wandelschoenen aan heerlijk genieten in dit mooie stuk Nederland.

Bron : http://vakantie2014.com/oostvaardersplassen/

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s